0.2 – Leefbare plekken: Vloeibaar water

Bij NASA gebruiken ze bij hun missies graag de slogan “follow the water”. Daarmee bedoelt men dat leefbare plaatsen daar te vinden zijn waar vloeibaar water voorkomt. Ze zouden dus beter zeggen “follow the liquid water”. Want daar gaat het om. Water in de vorm van ijs en soms in de vorm van damp is namelijk zeer veelvuldig aanwezig in ons Zonnestelsel en daarbuiten. In het buitenste zonnestelsel (verder van de Zon) zijn er talrijke objecten die zeer veel water bevatten, of zelfs bijna helemaal uit water bestaan. Dit is bijvoorbeeld het geval bij kometen, sommige ijskoude manen rond de reusachtige gasplaneten, of een dwergplaneet als Pluto. Maar al deze objecten hebben oppervlakte-temperaturen van -170°C of kouder. Hun watermantel is dan ook zo hard bevroren dat het aanvoelt als graniet.
Toch komt ook vloeibaar water daar voor. Sommige van deze objecten hebben namelijk een warme kern of ondergrond. Tussen de warme steenkern van een maan en de bevroren waterkorst kan je soms een kilometers diepe oceaan aantreffen met vloeibaar water. Uit metingen van magnetische velden bleek dat zulke oceaan op de maan Europa zout water bevat, net zoals de oceanen op Aarde. De kans is groot dat er diepzee warmwaterbonnen zijn op de bodem. Het zou daarom de beste plek in ons Zonnestelsel zijn waar buitenaards leven kan ontstaan en gedijen. In verdere hoofdstukken gaan we hier dieper op in.

Ook planetoïden tussen Mars en Jupiter bevatten soms behoorlijk veel water, al kan je dat op het eerste zicht niet zien. Het bekendste voorbeeld hiervan komt van de allergrootste planetoide, namelijk de dwergplaneet Ceres. Midden in de Occator krater bevinden zich felwitte vlekken die “faculae” genoemd werden door de onderzoekers. De witte vlekken zouden bestaan uit opgedroogd zout omdat pekelwater op die plaats uit de bodem zou komen. Bij de vorming van de krater zo’n 20 miljoen jaar geleden moeten er barsten en scheuren ontstaan zijn waarlangs het pekelwater naar buiten kon. In het buitenste deel van het Zonnestelsel is de aanwezigheid van water dus heel gewoon. Toch is er geenenkel leefgebied zoals de Aarde. De belangrijkste verschillen zijn de zeer lage temperatuur aan de oppervlakte, en het feit dat oceanen, meren en rivieren nooit bovengronds te vinden zijn.

De Occator krater op CERES (Bron: NASA).

Ook Venus had zeer waarschijnlijk vloeibaar water in de beginfase, maar daar weten we veel minder over.

Op Mars is er vroeger veel vloeibaar water geweest. Dit wordt behandeld in deel 4 van deze cursus. Vandaag is dat vloeibaar water aan de oppervlakte verdwenen, maar het is wel nog te vinden in de diepere ondergrond. Verder is water op Mars veel te vinden in vorm van ijs in de grond, zowel diep als ondiep. In de koudere poolgebieden zelfs heel erg veel. Ook waterdamp is in veel mindere mate te vinden. Wolkenvorming op Mars is veel voorkomend, al is het niet alleen met water maar ook met bevroren CO2. Dit alles is dan ook een reden om de zoektocht naar leven binnen ons Zonnestelsel voor een deel op deze planeet te richten. Ook Venus had vermoedelijk vloaiebaar water aan de oppervlakte als jonge planeet, maar daar weten we veel minder over.

Samenvattend kunnen we antwoorden op de vraag “Waar vinden we vloeibaar water in het Zonnestelsel” (in volgorde van belangrijksheid):

  1. Op Aarde natuurlijk!
  2. Onder de ijskorst van heel wat verre manen en andere waterijs-objecten.
  3. In de ondergrond op Mars, voornamelijk op grotere diepte.
Welke plekken in het Zonnestelsel hebben vloeibaar water en kunnen relevant zijn voor onze zoektocht naar leven? De grote ijsmanen (en -objecten) is aangeduid met blauwe stippellijn, maar de belangrijkste zijn op dit moment zonder enige twijfel Europa, Enceladus en Titan. Dit wordt verder toegelicht in deel 5.

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *