Intermezzo: Europees klimaat in het Jonge Dryas

Afbeelding in de hoofding: Gemiddeld temperaturen op Groenland in de laatste 17 duizend jaar, gereconstrueerd op basis van het onderzoek van diepe boorkernen in het ijs. Helaas is de temperatuurschaal in Fahrenheid. -20°F is ongeveer -29°C (bovenaan y-as) en -60°F is ongeveer -51°C (onderaan y-as). Bron afbeelding; Researchgate (‘credits: Azimuth Project 75’).

Wilde klimaatveranderingen na de laatste grote ijstijd

Onze planeet is de laatste 3 miljoen jaar in een kouder klimaat terecht gekomen. Binnen deze periode zijn er schommelingen te zien tussen langere ijstijden of glacialen en kortere warmere perioden of interglacialen. Deze herhalende cycli zijn genoemd naar onderzoeker Milancovic. Ze worden veroorzaakt door zich herhalende variaties in ‘schuine stand’ van de Aarde (obliquiteit en precessie) en de vorm van de aardbaan rond de Zon (eccentriciteit). Het Weichseliaan was het laatste van deze ijstijden en begon ongeveer 116 duizend jaar geleden. Op het einde van dit Weichseliaan zou de warmere periode beginnen (waarin wij nu nog steeds leven), maar dit intergalciaal startte op zijn zachtst gezegd met heel opmerkelijke en hevige klimaatschommelingen, het meest uitgesproken in het noordelijk halfrond. Kort samengevat: rond 14 duizend jaar geleden werd het zeer plots gemiddeld 10 graden warmer (einde van het glaciaal). Maar meteen daarna – rond 12.700 jaar geleden – dook de gemiddelde temperatuur even plots weer scherp naar beneden. Deze nieuwe mini-ijstijd noemt het het Jonge Dryas. Die heeft ongeveer 1200 jaar geduurd, om daarna terug om te slaan naar waremer klimaat. Rond 11.560 jaar geleden begon dan toch het warmere interglaciaal tot vandaag.

Tijdens het Jonge Dryas hadden we in Noord-Amerika en Europa toendra’s en koude woestijnen ten zuiden van de nieuw gevormde ijskappen. Eén van de plantjes die in die toendra veel groeide was Dryas octopetala of zilverkruid (nu te vinden in de Alpen). Vandaar de naam van deze plotse mini-ijstijd.

Grote ijskappen in Noord-Amerika tijdens de Weichseliaan ijstijd en tijdens het Jonge Dryas. Bron: Brittanica.com.
Ijskappen in Europa tijdens het Weichseliaan. Bron: Wikipedia (www.diercke.de: Würm-/Weichseleiszeit (letzte Eiszeit) – Vergletscherung et File:Map of Alpine Glaciations.png)

Volgens sommige schattingen is het Jonge Dryas gestart met een afkoeling van gemiddeld 10°C in slechts 10 jaar tijd! Deze vaststellingen zijn gebaseerd op ijsboringen op Groenland. Mogelijks was de afkoeling minder hevig in zuidelijk gebieden, maar dan nog gaat het over maximaal enkele tientallen jaren. Dit is extreem snel. Hoe kan dit verklaard worden?

Help ! Geblokkeerde transportband

Er zijn meerdere hypothesen. Sommige brengen het in verband met een meteorietinslag die genoeg stof opgooide om de Aarde lang genoeg deels af te schermen van zonne-energie. Maar de populairste verklaring is het stilvallen van de ‘conveyor belt’, de wereldwijde zeestromingen die de tropische warmte naar de polen transporteert. De Golfstroom tussen Mexico en Noord-Europa zou stilgelegd zijn door de instroom van ernome hoeveelheden zoetwater uit Noord-Amerika. Dat ging als volgt:

Ongeveer 14.700 jaar geleden begon de klimaatopwarming, en kreeg je een snelle smelting van enorme ijskappen in Europa en Amerika. In Noord-Amerika kon hierdoor de Agassiz zee ontstaan. Een gigantische binnenzee van koud smeltwater in de regio ten noorden van ‘The Great Lakes’ liggen. Ten noordoosten van de Agassiz zee werd de reuze smeltwaterplas geblokkeerd door grote ijsdammen. Naarmate deze ijsdammen ook aan het afsmelten waren, begon het Agassiz water te ontsnappen richting Atlantische oceaan. Een deel van het smeltwater stroomde ook oostwaarts en zuidwaarts richting Amerikaans binnenland (er zijn wereldwijde legendes en verhalen over zondvloeden uit die periode), maar de noordoostelijke stroom richting Atlantische oceaan werd gaandeweg veel groter. Daardoor kwamen miljoenen kubieke meters in de oceaan, wat zich mengde met de zoutwaterstromen van de Golfstroom. De menging met zoetwater maakt het zeewater lichter. Daardoor kon het water van de Golfstroom niet langer zinken nabij Noord-Europa. De hele ’transportband’ van warmte viel uiteindelijk daarop stil. Het effect hiervan was het grootste en het snelst in de continenten die onmiddellijk aan de Noord-Atlantische oceaan grenzen (Europa, Groenland, Noord-Amerika), maar was ook elders in de wereld voelbaar.

Locatie van de Agassiz zee. Oorspronkelijk liep het smeltwater alleen langs de St-Lawrence river naar de Atlantische oceaan (traject met zwarte lijn en ABC), maar wanneer de noordelijk ijsbarriere ging smelten, kreeg je een versnelde instroom langs de Hudson baai. Bron: Researchgate (Freshwater Discharge, Sediment Transport, and Modeled Climate Impacts of the Final Drainage of Glacial Lake Agassiz, April 2009, Clarke et al.)

Deze goed gedocumenteerde gebeurtenis illustreert mooi het belang van warmtetransport via zeestromingen. Een gelijkaardig scenario wordt gevreesd door de huidige klimaatveranderingen door herintroductie van fossiele koolstof (brandstoffen). Wanneer de ijskappen op Groenland en andere noordpoolregio’s volledig afsmelten, zou dit opnieuw de Golfstroom kunnen blokkeren.

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *