Afbeelding boven: Atmosferische dynamiek in het noordelijk halfrond van Mars in normale omstandigheden en tijdens een stofstorm. Bron: Brines, Aoki, Daerden et al., 2026, Communications: Earth & Environment.
Bron van het nieuws: https://www.belgiuminspace.be/nieuws/ & https://www.aeronomie.be/nl/nieuws/2026/ongewone-stofstorm-mars-onthult-hoe-rode-planeet-deel-zijn-water-kwijtgeraakt
Tot hiertoe dachten Mars-wetenschappers dat de rode planeet haar waterverlies vooral te ‘danken’ had aan de zomers op het zuidelijk halfrond. De zuidelijke zomers zijn warmer dan de noordelijke, omdat de planeet in die jaarhelft dichter bij de zon staat, vanwege de meer elliptische baan rond de zon. En ja, het is ook effectief zo dat in de zuidelijke zomer meest water naar de hogere atmosfeer stijgt, en dat op die manier dus een heel belangrijke deel van het waterverlies kan verklaard worden.
Maar nu heeft de TGO – de Europese satelliet met aan boord de Belgische spectrometers van het NOMAD instrument – ons nieuwe gegevens bezorgd in verband met de zomer op het noordelijk halfrond. In noordelijke zomers blijft het atmosferisch water normaalgezien op lage hoogten hangen. Maar tijdens de waarnemingen was er een stofstorm bezig. Met de NOMAD konden we waarnemen dat de stofstorm een grotere hoeveelheid watermoleculen naar grotere hoogtes bracht. Meer nog: al snel werd door de stofstorm het waterdampgehalte op 60-80 km hoogte 10 keer groter dan normaal! En deze waterdampwolk verspreide zich meteen rondom de noordelijke planeet. Het fenomeen duurde enkele weken. De wetenschappers stelden vast dat er ongeveer 2,5 keer meer water ontsnapte naar de lege ruimte dan de vorige jaren. Dat is nog altijd minder dan in de zuidelijke zomer, maar toch wel een belangrijke bijdrage aan het totale waterverlies van de planeet.
De figuur hierboven is gepubliceerd op de website van BIRA en de betrokken onderzoekspartners. Het rechterschema illustreert een lokale zomerse stofstorm (tijdens het aardse jaar 2022-2023) in de noordelijke hemisfeer. De grotere hoeveelheid stof in de lucht zorgt voor absorbtie van meer zonnewarmte die in de atmosfeer blijft hangen. Dit gebeurt vooral in de ‘middle atmosphere’ (20-60 km hoogte). Bovendien zullen toegenomen luchtstromen door de storm ook vertikale bewegingen veroorzaken. Water uit de lage hoogtes wordt een deel meegetrokken naar boven op die manier. Een deel hiervan komt in de zogenaamde ‘exobase’, de laag tussen de lege ruimte en de martiaanse atmosfeer. De exobase bevindt zich voor Mars op 200 km hoogte. Hier hebben de weinige deeltjes zo goed als geen botsingen meer met elkaar.
